30-07-2026
Stel je voor dat je iemand een fiets geeft, een prachtige route uitstippelt en enthousiast zegt: "Succes!" De kans is groot dat die persoon ergens onderweg stilvalt als er een technisch mankement is, een kruispunt verwarrend is of niemand heeft uitgelegd hoe de versnellingen werken.
Toch is dat precies hoe we soms naar sportparticipatie kijken. We richten onze aandacht op de activiteit zelf. Welke sport past bij iemand? Welke trainer is geschikt? Welke vereniging heeft plek? Belangrijke vragen, zonder twijfel. Met sportparticipatie bedoelen we het deelnemen aan sport- en beweegactiviteiten. Dat lijkt misschien eenvoudig, maar in de praktijk gaat het ook om de vraag hoe iemand begint met sporten én hoe iemand blijft deelnemen.
De gezondheidsvoordelen van bewegen zijn inmiddels bekend. Regelmatige lichaamsbeweging draagt bij aan een betere fysieke gezondheid, meer zelfstandigheid en een hogere kwaliteit van leven. Tegelijkertijd bewegen mensen met een VB nog altijd aanzienlijk minder dan de algemene bevolking. Onderzoek laat zien dat sportdeelname en beweeggedrag structureel achterblijven, ondanks jarenlange aandacht voor inclusie en toegankelijkheid
Wie naar deze cijfers kijkt, denkt al snel aan motivatie. Misschien missen deze mensen de motivatie om te bewegen. Misschien ontbreekt de interesse. Onderzoek laat echter zien dat sportdeelname wordt beïnvloed door veel meer factoren dan motivatie alleen. Onderzoekers beschrijven een breed scala aan factoren die sportdeelname beïnvloeden, zoals zelfvertrouwen, sociale steun, toegankelijkheid van aanbod, eerdere ervaringen en praktische belemmeringen zoals vervoer of begeleiding.
In de praktijk blijkt de route van sportparticipatie vaak ingewikkelder dan gedacht. Veel mensen met een VB bevinden zich in een omgeving waarin sportverenigingen, beweeggroepen, buurtsportcoaches en andere initiatieven aanwezig zijn. Toch blijkt het vinden van een plek die daadwerkelijk aansluit bij persoonlijke wensen, mogelijkheden en coachbehoeften vaak lastig. Zowel het aanbod zelf als de weg náár dat aanbod vormt een uitdaging. Kennis over mogelijkheden is soms versnipperd en betrokken partijen beschikken niet altijd over hetzelfde overzicht. Daardoor ontstaan onderweg drempels die sportdeelname moeilijker maken. Vergelijk het met een reis waarbij de bestemming bekend is, maar de route niet altijd duidelijk staat aangegeven. Juist op die momenten raken mensen de weg kwijt.
Dat geldt niet alleen voor deelnemers zelf. Zorgprofessionals kennen niet altijd het volledige lokale beweegaanbod. Sportaanbieders en trainers weten soms onvoldoende hoe zij mensen met een VB optimaal kunnen begeleiden. Familieleden en begeleiders willen vaak helpen, maar missen tijd, kennis of overzicht. Daardoor kunnen onderweg kleine problemen ontstaan die bepalen of iemand doorgaat of stopt.
Wanneer mensen praten over sportparticipatie, denken ze vaak aan wat er gebeurt tijdens de training. Daar wordt bewogen, geleerd en plezier gemaakt. Toch begint de weg naar sporten meestal veel eerder. Aan een keukentafel. In een gesprek met een begeleider. Bij een eerdere positieve of negatieve ervaring. De eerste stap wordt vaak gezet op het moment dat iemand denkt: "dit kan ik wel.".
Onderzoek naar gedragsverandering laat zien dat succeservaringen een belangrijke rol spelen bij het ontwikkelen van zelfvertrouwen en het volhouden van nieuw gedrag. Voor mensen met een VB kan één positieve ervaring soms waardevoller zijn dan tien goedbedoelde adviezen. Elke geslaagde stap onderweg vergroot het vertrouwen om de volgende stap te zetten. Juist daardoor ontstaat beweging die standhoudt.
Steeds meer professionals ontdekken daarom dat sportparticipatie minder lijkt op het organiseren van een activiteit en meer op het begeleiden van een reis. Een reis kent verschillende etappes. Eerst ontstaat nieuwsgierigheid. Daarna volgt verkennen, proberen, leren en ervaren. Vervolgens ontstaat iets wat veel belangrijker is dan enthousiasme: gewoonte. Dat laatste blijkt vaak de ontbrekende schakel.
Gedragsonderzoek laat zien dat nieuw gedrag tijd nodig heeft om onderdeel te worden van het dagelijks leven. Mensen bouwen routines op wanneer activiteiten aansluiten bij persoonlijke doelen, vaste patronen en betekenisvolle ervaringen. De uitdaging ligt uiteindelijk in het creëren van omstandigheden waardoor iemand kan blijven bewegen.
Voor professionals ligt hier een interessante uitdaging. Van beweegprofessionals wordt steeds vaker gevraagd om meer te doen dan training geven. Ze helpen ook mensen, begeleiders en organisaties met elkaar te verbinden. Hoe help je iemand vertrouwen opbouwen? Hoe betrek je het sociale netwerk? Hoe zorg je dat een eerste succeservaring uitgroeit tot een routine? Hoe voorkom je dat iemand na een succesvolle start alsnog uit beeld raakt? Professionals die verder kijken dan de activiteit zelf, vergroten de kans op blijvende deelname aanzienlijk. Daar liggen kansen voor scholing en voor betere samenwerking tussen zorg, welzijn en sport.
Bij Sport Care Plus geloven we dat bewegen veel meer is dan een enkel sportmoment. Bewegen opent deuren naar gezondheid, zelfstandigheid, sociale verbinding en persoonlijke groei. Daarom investeren we voortdurend in praktijkgericht onderzoek, nieuwe werkwijzen en opleidingen die professionals helpen om sportparticipatie mogelijk te maken.
De inzichten die de afgelopen jaren zijn ontstaan, laten zien dat de rol van de sportprofessional verandert. Kennis van training en coaching blijft belangrijk, maar steeds vaker zijn ook vaardigheden nodig op het gebied van gedragsverandering, samenwerking en het begeleiden van mensen naar blijvende deelname.
Juist daarom worden ook opleidingen binnen het sport- en beweegdomein steeds verder doorontwikkeld. De uitdagingen van vandaag vragen namelijk om meer dan vakinhoudelijke kennis alleen. Professionals krijgen steeds vaker te maken met vraagstukken rondom inclusie, leefstijl, samenwerking tussen domeinen en begeleiding.
Voor nu is één les alvast duidelijk: wie structurele sportparticipatie wil creëren, doet er goed aan verder te kijken dan de sportactiviteit zelf. Uiteindelijk bepaalt de kwaliteit van de route of iemand onderweg blijft bewegen.
Wil je meer leren over de factoren die duurzame sportdeelname beïnvloeden en hoe je mensen hierin kunt begeleiden? Houd dan de ontwikkelingen van Sport Care Plus en EFAA in de gaten.
Tineke Visser, Stichting Sport Care Plus.
Bronnen
Bandura, A. (1977). Self-efficacy: Toward a unifying theory of behavioral change. Psychological Review, 84(2), 191-215. https://doi.org/10.1037/0033-295X.84.2.191
Bossink, L. W. M., van der Putten, A. A. J., & Vlaskamp, C. (2017). Understanding low levels of physical activity in people with intellectual disabilities: A systematic review to identify barriers and facilitators. Research in Developmental Disabilities, 68, 95-110. https://doi.org/10.1016/j.ridd.2017.06.008
Jacinto, M., Vitorino, A. S., Palmeira, D., Antunes, R., Matos, R., Ferreira, J. P., & Bento, T. (2021). Perceived barriers of physical activity participation in individuals with intellectual disability: A systematic review. Healthcare, 9(11), 1521. https://doi.org/10.3390/healthcare9111521
Lally, P., van Jaarsveld, C. H. M., Potts, H. W. W., & Wardle, J. (2010). How are habits formed: Modelling habit formation in the real world. European Journal of Social Psychology, 40(6), 998-1009. https://doi.org/10.1002/ejsp.674
Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2000). Self-determination theory and the facilitation of intrinsic motivation, social development, and well-being. American Psychologist, 55(1), 68-78. https://doi.org/10.1037/0003-066X.55.1.68
Van den Dool, R., Van Lindert, C., Van den Berg, S., & Wendel-Vos, G. C. W. (2022). Deelname sport en bewegen door mensen met een beperking: De stand van zaken eind 2019. Mulier Instituut.
World Health Organization. (2020). WHO guidelines on physical activity and sedentary behaviour. World Health Organization.
Je bent hier:
EFAA