Nieuws

23-05-2011
Nederland blijft steeds meer achter bij het bevorderen van de volksgezondheid

Groei aantal chronisch zieken is verontrustend en moet teruggedrongen worden

Hart- en vaatziekten ontwikkelen zich in hoog tempo van acute tot chronische aandoeningen met een grote sociaal-economische impact. In Nederland leven 1,1 miljoen mensen met een hart- of vaataandoening. Door vergrijzing en omdat het aantal mensen met risicofactoren toeneemt, stijgt het aantal chronisch zieke harten vaatpatiënten. Waar Nederland ooit een toppositie had wat betreft levensverwachting, zijn we inmiddels gezakt naar de middenmoot.

Buitenlandse vergelijking leert: hoe zorgzamer de overheid, hoe gezonder de bevolking. En dat is belangrijk, want hoe kunnen we doorwerken tot 67 jaar als we voor de 60 jaar al chronisch ziek zijn?

In 2030 is een half miljoen minder mensen beschikbaar voor de arbeidsmarkt dan nu. Daarnaast is er een grote groei van chronische ziekten, die tot staan gebracht moet worden, want de maatschappelijke gevolgen zijn enorm. Met name in de zorg wordt een omvangrijk personeelstekort voorspeld. Om dit op te vangen, zullen wij met z’n allen langer moeten doorwerken.

Een recente studie van het European Heart Network toont aan dat Europese landen met een actief preventiebeleid een gezondere bevolking hebben. Recente toekomstverkenningen van het RIVM bevestigen deze ontwikkeling.

Want Nederland doet het in wereldperspectief steeds slechter op het gebied van de volksgezondheid.

Zowel in absolute als in relatieve zin glijden we af en verliezen we onze, eens zo goede positie. Als we deze trend niet keren wordt Nederland een ontwikkelingsland in Europa. Nederlandse mannen lijden gemiddeld vanaf hun 48ste jaar aan een chronische ziekte, vrouwen vanaf hun 42ste. Vanaf het 55ste levensjaar leven steeds meer mensen met de gevolgen van meer dan één (chronische) ziekte.

Veel chronische ziekten (kanker, hart- en vaatziekten, diabetes, nierziekten, COPD) kennen dezelfde risicofactoren. Deze zijn te beïnvloeden door een gezonde leefstijl. In Nederland rookt 28% van de bevolking en heeft meer dan 50% van de volwassenen overgewicht. Voor de gezondheidsfondsen is preventie van ziekte speerpunt, voor het ministerie van Volksgezondheid een sluitstuk op de begroting. In Nederland wordt jaarlijks een kleine ¤2 mrd besteed aan preventie.

Daarvan gaat een groot deel naar gebitscontroles, vaccinaties en naar activiteiten van de GGD. Terwijl jaarlijks meer dan ¤80 mrd wordt gespendeerd aan zorguitgaven. Dat is dus dweilen met de kraan open. Bij aantreden van het nieuwe kabinet werd ook nog eens een bezuiniging van ¤50 mln ingeboekt op ‘beïnvloeding leefstijl en antiroken’. Want leefstijl, daarvoor ben je zelf verantwoordelijk. Dat de burger aan alle kanten wordt toegeschreeuwd om toe te geven aan verleidingen, en dat producten ongezond zijn samengesteld, daar heeft de overheid geen boodschap aan. Winstcijfers zijn belangrijker dan volksgezondheid. En zo is er sprake van een oneerlijke krachtmeting tussen burger en bedrijfsleven.

Dat de volksgezondheid in Nederland zich minder goed ontwikkelt dan in het gros van de ons omringende landen, vindt bijvoorbeeld een oorzaak in het hoge percentage rokers. Dat onze regering zojuist besloot roken in kleine cafés weer toe te staan is in dat opzicht onbegrijpelijk. Neem dan Australië: per 1 juli 2012 geldt zelfs een verbod op alle logo’s en kleurrijke afbeeldingen op pakjes sigaretten, zodat roken een stuk saaier en onaantrekkelijker wordt, vooral voor jongeren. Dat de sigarettenfabrikanten steen en been klagen dat ze zich niet meer met hun merk kunnen onderscheiden, daar trekt de Australische regering zich niets van aan. Het rookcijfer in Australië ligt rond de 17%, in Nederland rond de 28%. Tel uit je gezondheidswinst.

De enige verklaring voor het feit dat mensen op steeds jongere leeftijd (chronische) ziekten ontwikkelen, is de toename van een ongezonde leefstijl. In een samenleving waar het bedrijfsleven vrij spel heeft in samenstelling van voedingsmiddelen, waar het tegengaan van roken wordt gezien als betutteling (een door de tabaksindustrie geïntroduceerde term) en waar bewegingsonderwijs steeds meer wordt ingeperkt, heeft de overheid een verantwoordelijkheid waar zij niet omheen kan.

Het Nederlandse preventiebeleid heeft altijd geleden onder het politieke gegeven dat een overheid zich niet te veel met de persoonlijke leefwijze van haar onderdanen moet bemoeien. Maar deze manier van benaderen van preventie is ‘penny wise, pound foolish’.

Aanpakken van risicofactoren vraagt om een overheid die zorgzaam is en niet wegkijkt. Daarom moet de minister samenwerken met de fondsen, de beroepsgroepen en andere partijen in het veld. Zij zijn alle overtuigd van de noodzaak van preventie en het terugdringen van vermijdbare risico’s.

Een stevige preventieparagraaf in de Gezondheidsnota van de minister van Volksgezondheid is de eerste stap op weg hiernaartoe.

Hans Stam is directeur van de Nederlandse Hartstichting Preventie lijdt onder politiek die zich niet te veel met leefwijze van burgers wil bemoeien

9 mei 2011 Bron: TopSupport Strategie en Informatie B.V.

Volg ons ook op:

Overige nieuws

ERKENNING


EFAA
Missie & visie

Samen bijdragen aan de stop van de toename van overgewicht.

Stop overgewicht MEER INFO

Nieuwe Gezondheid
Trainers Netwerk

Gratis inspiratie netwerk voor trainers met passie voor het vak

Trainers netwerk MEER INFO

Nieuwe Gezondheid
Ambassadeur

Gratis inspiratie materiaal voor een actief en gezond leven

Nieuwe Gezondheid Ambassadeur MEER INFO

E-learning Fitness A
Kennismaking

Maak gratis kennis met online leren voor de Fitness A opleiding

Kennismaking e-learning Fitness A MEER INFO